De Tarot en de Bijbel



Tarotkaarten weerspiegelen de bewustzijnstoestand van de beschouwer. Bij het leggen van de kaarten verschijnen in dezelfde patronen telkens nieuwe beelden. Beelden die het innerlijk weerspiegelen.
Innerlijke beleving is nooit de sterkste kant van de kerk gebleken. Innerlijke beleving diende altijd ondergeschikt te zijn aan het uiterlijk geloof, aan de geloofsleer.
Eeuwenlang hebben kerkelijke autoriteiten geprobeerd de individuele vrijheid van de mens in te perken. In dat streven paste natuurlijk ook een verbod op de Tarot.


Maar ook als je de Bijbel goed leest, ontdek je een wereld vol archetypen en bespeur je achter de uiterlijke beschrijvingen eeuwige waarheden.
Soms kwamen die eeuwige waarheden de kerkleraren niet goed uit, en gaven ze er een draai aan in de hun gewenste richting. Soms werden teksten verdonkeremaand of aangepast aan de geloofsinzichten van die tijd.
Vanaf de tweede helft van de vierde eeuw werden andere geschriften verboden.


De kaarten van de Tarot geven de bewustzijnsstadia van de mensheid weer; de geheimen van de levenscyclus en de menselijke invulling daarvan vinden we terug in de Grote en de Kleine Arcana.
Ook in de Bijbel zien we dat eeuwige, onveranderlijke waarheden worden afgewisseld met praktische aanwijzingen voor het menselijk bestaan.
Dit blijkt vooral als we kleine gedeelten van Bijbelteksten voor zichzelf laten spreken. Dan krijgen ze dezelfde functie als de afzonderlijke Tarotkaarten.
Door de losbladigheid van de Tarot is het geheel niet statisch, maar in beweging en in synchroniciteit met de Kosmos.





Vanwege zijn buitengewone en individuele kracht heeft de Tarot door de eeuwen heen angst opgewekt. Het belichten van de Duisternis door het Licht werd in het verleden en ook nu nog niet door iedereen op prijs gesteld.
Angst voor het belichten van de duisternis is echter noodzakelijk, opdat de mens zijn onnodig lijden kan opgeven.


De kaarten van de grote en kleine Arcana bieden de mens een spiegel voor de ontwikkeling- en levensfasen die men doormaakt.
Zij vormen een referentiekader voor de inwijdingsweg die ieder mens te gaan heeft.
Deze inwijdingsweg is een oefening om de eigen Goddelijke afkomst te herkennen.
In de kaarten van de Tarot wordt de levensweg van de mens, zijn levenstaak en zijn lot zichtbaar gemaakt. Ieder mens kan zichzelf hierdoor aanzetten tot de realisatie van het Goddelijke in zichzelf in het onsterfelijke nu.


De Tarot werd in de Middeleeuwen, een tijd waarin een groot deel van het volk ongeletterd was, ook wel ‘de Bijbel voor de armen’ genoemd.
Ieder mens weet bij het zien van een kaart van de Tarot welke boodschap het betreffende arcanum wil doorgeven. Juist daardoor is de Tarot door de eeuwen heen zo’n geliefd en bruikbaar instrument geweest.


De Tarot drukt de universele levensweg van de mens uit en zijn inwijding in het solaire lichaam van Christus en de realisatie van de troon van God in de mens.
De bedoeling van het leven is dat ieder mens zelf licht en liefde wordt.


De Tarot is niets anders dan de Bijbel in plaatjes; hij kan als een sleutel tot elk willekeurig boek des levens dienen, dus ook als sleutel tot de beide Testamenten.
Door de Bijbel en de Tarot te combineren kan een steeds verdere verdieping en verrijking ontstaan, zowel op literair, filosofisch, psychologisch, mystiek, wetenschappelijk, historisch en gnostisch gebied.
Het leidt tot een verrijking van geest en ziel.